Gebruik

Dit dialoog kan worden gebruikt om bv. een antennefilter op een bepaalde centrumfrequentie en een gedefinieerde bandbreedte af te regelen.

Het marker-math dialoog is gebonden aan een van de markers. De vertoonde informatie in dit dialoog is de dat van de marker.

Mode

De gebruikte mode is afhankelijk van de data en de geselecteerde cursorlocatie.

Als de data links en rechts van de cursor lager is, dan wordt de PEAK-mode geselecteerd.

Als de data links en rechts van de cursor hoger is, dan wordt de NOTCH-mode geselecteerd.

Limiet

Er moet een limiet in dB gedefinieerd worden, deze wordt gebruikt bij het zoeken naar de lage en hoge limieten.

Return-/Transmissie-Loss

Als de marker de Return-Loss schaal gebruikt dient de RL-radio knop geselecteerd te worden.

Als de marker de Transmissie-Loss schaal gebruikt dient de TL-radio knop geselecteerd te worden.

Voorbeeld - Afstemmen van een bandpass-filter

Er vanuit gaande dat u een bandpass-filter met een 6 dB bandbreedte van 100 kHz wilt afregelen ...

  1. Stel een van de markers in op de gewenste centrumfrequentie van het bandpass-filter

  2. Voer een 6 in, in het Limiet veld.

  3. Stem het filter nu af totdat de gewenste bandbreedte van 100kHz wordt vertoond in het Bandbreedteveld .